Waarom is het toch zo lastig om gewoonten te veranderen? Je weet best dat je beter een uurtje kan gaan sporten, en dat die zak chips pakken niet verstandig is, en dat piekeren over die beren op de weg je echt niet verder helpt. En je wilt echt wel een andere baan, want hier haal je gewoon geen voldoening meer uit, maar ja… dat zoeken hè? We hebben allemaal zo onze gewoonten waarvan we weten dat we er écht iets aan moeten veranderen en toch doen we het niet.

Wat maakt het nou zo moeilijk?  Hoe komt het nou dat zelfs als je echt wel inziet dat die tien jaar oude procedure op je werk moet veranderen, je toch gaat zitten mokken als je baas vertelt dat het vanaf volgende week anders zal moeten? Dat komt door je brein.

 

Ons oude en jonge brein

Je brein is gebouwd om veranderingen te weerstaan. Onze hersenen zijn geëvolueerd om ons gedrag te automatiseren zodat we er verder niet over na hoeven te denken. Dit maakt het veel handiger om te overleven. Het idee dat ons gezonde verstand ons leven bepaalt is misleidend en een misverstand. Onze ‘oudere’ delen in onze hersenen, die we gemeen hebben met alle andere zoogdieren en reptielen, zijn veel bepalender voor ons gedrag dan het evolutionair jongere deel, onze prefrontaalkwab die ons denken, plannen en logica regelt. Pas als deze ‘oudere’ delen de noodzaak voelen om te veranderen, door bijvoorbeeld een situatie waarin het niet anders meer kan, pas dán zijn ze geneigd om te veranderen. Heel efficiënt misschien in de oertijd maar in onze huidige maatschappij helemaal niet handig! Tel daarbij op dat dit ‘oude’ brein ook je emoties, je genot/beloningscentrum, je herinneringen en je vaste patronen regelt; oftewel: ‘ik voel me rot, laten we een chocoladereep nemen want dat gevoel en die smaak in mijn mond waren vorige keer ook zo lekker.’ Het maakt dat je al bijna met het water in je mond bij de voorraadkast staat,  en ondertussen met je prefrontaalkwab denkt: dit moet ik niet doen hier ga ik straks weer spijt van krijgen, terwijl je vingers de wikkel van de reep halen.

 

Nee tegen verandering!

Durf jij te veranderen en actie te ondernemen? Of blijf je liever in je comfortzone?

 

Nu je dit weet, snap je misschien ook waarom iemand in de weerstand vaak zo’n geprikkelde, emotionele en vaak onredelijke reactie geeft, waarbij diegene denkt dat hem of haar groot onrecht is aangedaan. Weerstand is een primaire reactie van onder andere het emotionele centrum in je brein dat uit volle borst ‘NEE!!!’ schreeuwt tegen een verandering. En misschien snap je jouw eigen reactie ook beter als iemand jou vraagt om iets te veranderen. Als je dan ook nog moe bent en gestrest, dan is dat deel van je brein toch al overprikkeld en is de kans om in de weerstand te schieten nog veel groter. ‘Laat mij lekker in mijn comfortzone!’ schreeuwt het brein.

 

Wat maken we onszelf allemaal wijs?

Laten we eens verschillende voorbeelden nemen met wat we onszelf allemaal wijsmaken. Het stopt uiteraard niet bij deze voorbeelden, bedenk ook eens wat voor jouzelf en je omgeving lastig te overwinnen is.

Ook als we weten dat ons gedrag ons op langere termijn beschadigt dan zullen we toch proberen vol te houden dat dit wel meevalt: “mijn opa van 95 rookte ook”. Of we maken onszelf wijs dat de voordelen opwegen tegen de nadelen: “wat is het leven waard als je niet kunt genieten.” Of we gebruiken idiote argumenten zoals: “mensen die drinken zijn leukere mensen”. En als we wel willen stoppen, dan blijven onze doelen onduidelijk: “ik stop na mijn 30e”, “ik rook alleen nog maar in het weekend”, “ik stop als ik eraan toe ben”.

We proberen uit alle macht ons zelfbeeld te beschermen door het aan anderen toe te schrijven, zo kunnen we er zelf zogenaamd niks aan doen dat het niet lukt. Het ligt dan aan de tijd van het jaar, je partner, je verleden, je vader die altijd vreemdging, je ADHD. Kortom, het is niet echt jouw verantwoordelijkheid, denk je.

 

Erbij horen

Om te kunnen overleven was het evolutionair gezien essentieel om bij een groep te horen. Veel rokers zijn ooit zo begonnen. Om erbij te horen. En nu is het vaak een reden om niet te stoppen. Het ‘samen’ buiten roken, samen een sigaretje delen, samen even de roddels in het bedrijf doornemen zijn vaak belangrijke argumenten van rokers om niet te willen stoppen. Mensen die het gevoel hebben er niet bij te horen in de sportschool met hun nog niet zo strakke lijf tussen alle fitbabes en fitboys gaan liever niet. Hierbij verzinnen ze allerlei andere argumenten om niet te hoeven gaan. Zo zijn er nog heel veel voorbeelden te bedenken.

 

Weerstand te lijf

Volgens hoogleraar neuropsychologie Margriet Sitskoorn is de beste manier om weerstand te lijf te gaan, het ontwikkelen van je prefrontaalkwab. Deze voorste hersenen maken dat we ons kunnen aanpassen aan verandering, dat je leert van feedback en dat we kunnen plannen en ergens een visie op kunnen ontwikkelen. Volgens haar is één van de struikelblokken dat de prefrontaalkwab ons veel energie kost en dat ons lichaam het veel efficiënter vindt om die evolutionair oudere delen van ons brein aan te zetten, waardoor we ons snel laten leiden door ons genot/beloningscentrum dat graag op heel korte termijn iets wil. Ik zie eten en krijg honger, mijn telefoon zegt badabing en ik kijk wie mij een berichtje heeft gestuurd. Ook vermijdt dit centrum graag pijn en stress en zet dan liever de vluchtstand aan. Zij stelt dan ook voor om een directe beloning in het vooruitzicht te stellen en mensen te onderrichten dat weerstand voor verandering heel natuurlijk is, maar dat het hen wel kan belemmeren in verandering. Ook zelfreflectie is hierbij van belang. Hoe herken je het bij jezelf als je in de weerstand schiet? Je hersenen werken net als een spier en door dit te trainen kun je je gedrag veel beter leren sturen in plaats van bestuurd te worden door je emotionele brein.

 

Uitstelgedrag

Als we dit niet trainen dan is de kans groot dat we verzanden in allerlei excuses en uitstelgedrag om maar niet die veranderingen voor onszelf te gaan doorvoeren. Ken je dat? Je weet dat je het moet en je weet dat je het kunt, maar het lijkt wel alsof allerlei andere dingen veel belangrijker zijn, en lijk je niet te kunnen opstaan van je bank. Ben je dan lui of heb je een slechte werkethiek? Volgens Mel Robbins niet. Volgens deze Amerikaanse proberen we vaak niet de taak te ontlopen maar de stress die deze taak veroorzaakt. Zij zegt dat uitstelgedrag in ons DNA zit en stress als een radar functioneerde die ons hielp om te overleven. Dat is uiteraard heel fijn als er daadwerkelijk levensgevaarlijke bedreigingen zijn zoals een grote holenleeuw die in het stenen tijdperk je grot binnenkwam, maar tegenwoordig reageert ons lichaam ook net zo terwijl jij verandering wilt, of iets doen wat weliswaar spannend is maar niet levensbedreigend.

Volgens Mel Robbins moeten we juist gebruik maken van diezelfde reactie. Deze directe reactie bij gevaar wordt namelijk ook geregeld door diezelfde ‘oudere’ hersendelen, die er voor zorgen dat je niet eerst gaat nadenken met je prefrontale kwab als die holenleeuw werkelijk in je huiskamer zou staan, of als er een vrachtwagen met 80 km per uur op je afstormt terwijl jij net het zebrapad op wil stappen. Dan heb je actie nodig! Volgens Mel Robbins zit het geheim om deze hersendelen voor je te laten werken ook in actie. Zij stelt dat je 5 seconden hebt om actie te ondernemen als er iets in je opkomt wat je zou moeten doen, voordat het ‘oudere’ brein terugzakt in de ‘ik wil geen verandering’ modus en voor je prefrontale voorkwab gaat nadenken.

ACTIE!

De voorwaarden zijn simpel: zodra je een idee hebt voor een doel dat je nastreeft of bedenkt dat je iets moet doen waar je geen zin in hebt, wat je eng vindt of steeds uitstelt, direct actie ondernemen. Tel 5, 4, 3, 2, 1, GO!
Anders geef je het brein de kans om erover na te denken en met allerlei argumenten te komen waarom de actie niet nodig is. Het tellen maakt dat je je op het doel focust en leidt je af van eventuele zorgen en excuses.
Dus kom je moeilijk je bed uit en wil je wel productief je dag starten maar komt het er steeds niet van? Tel zodra je wakker wordt van 5 naar 1 en STA OP. Dan heb je het ergste gehad en kun je de dingen gaan doen waar je anders geen tijd voor hebt.

Uiteraard is deze regel niet bedoeld om allerlei schadelijke dingen te gaan doen zoals een fles whisky binnen 10 minuten leeg te drinken of je baas uit te schelden. Maar jij weet ook dat het niet schadelijk is om toch dat stukje te gaan hardlopen, dat telefoontje te plegen waar je zo tegenop ziet, of je droom achterna te gaan. Hou het positief naar jezelf en naar anderen.

 

Meer tips en voorbeeldjes:

Bij angst, bijvoorbeeld angst voor spreken in het openbaar: zorg dat je voor het moment een plaatje of een kort filmpje in je hoofd hebt van een fijn moment na afloop, zoals een applaudisserend publiek en superleuke reacties. Komt het moment van de speech en voel je angstsymptomen opkomen, zeg dan 5,4,3,2,1, en roep je fijne plaatje op. Je kunt ook terugtellen vlak voor je het podium opgaat.

Het is best lastig om jezelf in gang te zetten, maar deze regel maakt het eenvoudiger. Door dit regelmatig te doen verander je ook je patroon van niets naar iets doen. Dit kan richting je doel of droom zijn of iets dat je moet doen maar steeds uitstelt.
Het is belangrijk dat je ook fysiek opstaat en actie onderneemt. Die 5 seconden zijn echt kritieke momenten tussen de mogelijkheid om je leven te veranderen en je brein die je weerhoudt.

Tenslotte: verandering roept dus vrijwel altijd weerstand op. Niet alleen voor jezelf maar ook na een grote verandering kan dit weerstand oproepen binnen de groep waartoe je behoort. Als je opeens niet meer dat wijntje drinkt maar een glaasje fris, of na maanden al die kilo’s kwijt bent en dat taartje weigert op een verjaardag dan voelen sommige mensen in je omgeving hun eigen weerstand opspelen. Bedenk dan dat ook hun brein graag wil dat alles hetzelfde blijft. Voel je hierbij je eigen weerstand opkomen en wil je in de verdediging schieten? Tel dan 5, 4, 3, 2, 1, en ga doen wat goed voor jou is.

 

Pin voor later

Durf jij te veranderen en actie te ondernemen? Of blijf je liever in je comfortzone?